BEAULIEU 2017

KASTEEL BEAULIEU

Eén van Vlaanderens mooiste barok kastelen

 

 

1. HET KASTEEL

2. HISTORIEK

3. RESTAURATIE

4. BEDRIJFSGEBOUW

 

 

1. HET KASTEEL

 

Gravure uit 1730. Landelijke omgeving. Zeer grote, verdiepingshoge raampartijen.

 

Dagelijks vangen duizenden mensen, vanop de Brusselse ring, de Woluwelaan of de trein, een glimp op van de statige topgevel in witsteen van het kasteel Beaulieu te Machelen. Het is één van de meest waardevolle 17de eeuwse monumenten van het land, oorspronkelijk gebouwd als landhuis van de graven van Tour&Taxis. Toch is het belang van deze parel van de Vlaamse barok nog weinig bekend bij het grote publiek.

 

Beaulieu als Spektakelarchitectuur

Door de verstedelijking kan men het zich vandaag nog moeilijk voorstellen, maar zoals ook blijkt uit de naam Beaulieu, stond de vallei van de Woluwe en de Zenne in het midden van 17de eeuw bekend om zijn natuurlijke schoonheid en microklimaat. De graven, die eveneens een groot paleis bezaten in het stadscentrum, gebruikten het kasteel dan ook vermoedelijk als een ‘buitenhuis’, voor vrijetijdsbesteding en het ontvangen van gasten. Dit weerspiegelt zich in de architectuur, die gericht is op imponeren en op de theatrale beleving van de omgeving.

 

Foto begin 20ste eeuw. Toont de verdwenen noordertoren, de slotgracht en de toegangsbrug.

 

Barok

De keuze voor de nieuwe barokstijl, die gekenmerkt wordt door zijn sculpturaliteit en uitbundigheid, was niettemin opvallend aangezien deze voordien bijna uitsluitend werd toegepast in religieuze bouwwerken. Pas een halve eeuw na kasteel Beaulieu drong de stijl echt door in de wereldlijke en residentiële architectuur, zoals bijvoorbeeld de Brusselse Grote Markt. Het ontwerp wordt toegeschreven aan de Mechelse bouwmeester en beeldhouwer Lucas Fayd’herbe.

 

Raampartijen

Wat verder direct opvalt zijn de uitzonderlijk grote verdiepingshoge ramen. Ze benadrukken het open uitzicht op de toenmalige landelijke omgeving, maar ook de status van de bewoners. De grote raampartijen zijn een typisch stijlelement voor de Nederlanden, dat in kasteel Beaulieu in zeer sterke mate is doorgedreven, maar toch een harmonieus geheel vormt met de voornamelijk Italiaanse elementen van de barok.

 

Slotgracht en torens

Zoals te zien is op de gravure en oude foto’s was de gevelopbouw oorspronkelijk perfect symmetrisch en bezat het kasteel twee hoektorens. Rond het kasteel lag een met arduinen balusters omzoomde slotgracht en toegangsbrug. Ondanks het feit dat torens en slotgrachten elk militair nut verloren hadden bleven ze immers ook in de 17de eeuw in de Nederlanden een symbool voor de adel. De noordelijke toren ging verloren bij de vernielingen van het begin van de 20ste eeuw.

Stucwerkpaneel ‘Hercules doodt de Hydra’ van J. C. Hansche. Indrukwekkende expressiviteit en suggestie van diepte.

 

Herculeszaal

De grote zaal aan de tuinzijde wordt de Herculeszaal genoemd omdat het plafond gedecoreerd is met gebeeldhouwde stucwerkpanelen, die 9 van de 12 werken van Hercules uitbeelden. Wellicht waren de overige taferelen zichtbaar op de vrije wanden. Deze beeldhouwwerken van de hand van J. C. Hansche kunnen als zeer waardevol beschouwd worden. Ze bevinden zich immers op een scharnierpunt in het oeuvre van de vermaarde kunstenaar, die evolueerde uit de traditie van bas-reliëfs (bv. Parkabdij Leuven) naar steeds meer expressiviteit, waarbij de scènes steeds verder loskomen uit het vlak (bv. Brouwershuis Gent). Zijn artistieke zowel als technische beheersing van het materiaal geven aan de stucwerkpanelen een tot dan toe ongeëvenaarde suggestie van diepte en beweging. Van de 9 panelen zijn er helaas 3 ontvreemd en 2 zijn te zwaar beschadigd om terug te plaatsen. Toch geven de recent gerestaureerde panelen een goed beeld van de oorspronkelijke sfeer en het werk van Hansche.

Links: Maquette van de oorspronkelijke, vermoedelijk symmetrische ‘escalier d’honneur’.
Rechts: Historische foto van het versierde tongewelf boven de escalier d’honneur.

 

 

Trap en grondplan

Dat het kasteel een proefstaal van architecturale bravoure moest zijn, blijkt niet alleen uit de markante gevels en de sculpturen, maar ook uit andere oorspronkelijke elementen van het interieur, waarvan een deel recent aan het licht zijn gebracht door de historische studies. Zo blijkt dat de inkomhal destijds een indrukwekkende ‘keizerlijke’ staatsietrap omvatte die de volledige 16m hoogte van het kasteel opende en in het dak bekroond werd met een rijkelijk versierd tongewelf, waarvan een deel nog is bewaard gebleven. Rond deze centrale traphal ontvouwden zich in een sterk geometrisch patroon de ruimtes met een duidelijke gradiënt van publiek naar privé.

 

Dakterras

De top van de monumentale trap gaf bovendien toegang tot een groot dakterras aan de zijde waar momenteel de Woluwelaan ligt. Van hieruit moet men een prachtig vergezicht hebben gehad over het kasteeldomein en de vallei. Destijds werd als naam voor het kasteel naast Beaulieu trouwens ook ‘Belvédère’ gebruikt, oftewel ‘mooi uitzicht’. Deze naam bevestigt nogmaals het centrale thema van het kasteel als buitenhuis en uitkijkpost, dat een theatrale uitwerking vindt in de grote raampartijen, de staatsietrap, het dakterras, de Hercules-sculpturen, …

 

Links: Maquette van het mogelijke uitzicht van het oorspronkelijke dakterras.

Rechts: Historische foto vanaf het kasteeldomein. Het dakterras is hier reeds overkapt, maar de later toegevoegde topgevel is nog niet te zien.

 

 

 

Gravure uit 1730. Landelijke omgeving. Zeer grote, verdiepingshoge raampartijen.Foto begin 20ste eeuw. Toont de verdwenen noordertoren, de slotgracht en de toegangsbrug.2Stucwerkpaneel ‘Hercules doodt de Hydra’ van J. C. Hansche. Indrukwekkende expressiviteit en suggestie van diepte.Maquette van de oorspronkelijke, vermoedelijk symmetrische ‘escalier d’honneur’.Historische foto van het versierde tongewelf boven de escalier d’honneur.Maquette van het mogelijke uitzicht van het oorspronkelijke dakterras.Historische foto vanaf het kasteeldomein. Het dakterras is hier reeds overkapt, maar de later toegevoegde topgevel is nog niet te zien.    

 

naar boven

 

2. HISTORIEK

 

 

Kasteel Beaulieu in 1925

 

Het domein “Cruysweghen" in Machelen waar het kasteel van Beaulieu zich bevindt, werd al in de dertiende eeuw vermeld als leengoed van de hertog van Brabant. Zijn leenmannen, de Heren van Machelen, bouwden hier een burcht.

 

Op 8 juli 1652 kocht Lamoral II-Claude-François, graaf van Tour en Taxis, het domein van Jacques Caverson, die hier een lusthuis bezat. Lamoral was zevende erfelijke grootmeester der posterijen van het keizerrijk, en gehuwd met gravin Anne-Françoise de Hornes (hun praalgraf bleef bewaard in de kerk van O.L.V.-van-de-Zavel te Brussel). Hij liet in 1653 een barokkasteel optrekken, naar plannen die toegeschreven worden aan de Mechelse architect Lucas Faid'herbe. Het was oorspronkelijk een waterslot, met op de uithoeken van de symmetrische voorgevel, twee monumentale vierkante torens. De sociale status van de welvarende eigenaar veroorloofde de bouw van een voorname en weelderige verblijfplaats. Hij deed hiervoor beroep op eminente kunstenaars (J.C. Hansche, cassettenplafond in de Herculeszaal). Het omliggende terrein werd eveneens in barokstijl aangelegd. De naam Beaulieu refereert dan ook aan de eertijds prachtige plek die een wijds vergezicht bood op de Zennevallei. In het kasteel logeerden beroemde gasten als de Engelse koning William III (1693), de Franse maarschalk François de Villeroi (1695), en meermaals ook Maximiliaan van Beieren, gouverneur-generaal van de Nederlanden. Een gravure bij J. LEROY, Castella et praetoria nobilium Brabantiae coenobiaque celebriora toont Beaulieu zoals het er op het einde van de zeventiende eeuw uitzag.

 

Links: Graven van Thurn & Tassis als oprichters en grootmeesters van het keizerlijke internationale postwezen (Belgische postzegelreeks uit 1952) : Lamoral II 2de rij rechts, kasteel Beaulieu onderaan rechts.

Rechts: Beroemde gasten van kasteel Beaulieu v.l.n.r. : King William III, Generaal John Churchill Duke of Marlborough (voorvader van Winston), Maximiliaan II van Beieren.

 

 

Het was de schatbewaarder en vertrouwensman van Maximiliaan van Oostenrijk, Jean-Pascal Bombarda (+1712), die het domein in 1697 kocht van de erfgenamen van Lamoral. Het kasteel van Beaulieu bleef het schouwtoneel van belangrijke politieke en militaire ontmoetingen. We vermelden slechts het verblijf van de markies van Bedmar (1698), van John Churchill, hertog van Marlborough (1706), en van Karel, aartshertog van Oostenrijk (1706). Deze traditie werd verdergezet tijdens de volgende bewoners, de familie graaf J.B. de Grosberg de Bavière, minister van de kardinaal van Beieren én minister van de prinsbisschop van Luik. In 1782 kwam het domein in handen van de bankier en zakenman Frederik Romberg, die onder meer met slavenhandel fortuin maakte, en door Jozef II in de adelstand werd verheven. Romberg liet verfraaiingswerken uitvoeren aan het kasteel en bouwde vlakbij een protestantse kapel (afgebroken begin jaren 1930). François de Godin en zijn echtgenote volgden hem op. Hun erfgenamen verkochten het domein in 1840 aan ridder Emmanuel-Joseph Sanche, graaf van Alcantara, een held uit de slag van Waterloo en de omwenteling van 1830.

 

Links:  Tekening 19de eeuw. Rechts: Tuingevel 19de eeuw.

 

Zowel inwendig als uitwendig werden in deze periode belangrijke werken uitgevoerd, waarvan de aard en de omvang vooralsnog niet duidelijk is. Een foto van 1850 geeft ons alleszins een ander buitenzicht van de achtergevel namelijk met een eenvoudig dakschild- dan wat we vandaag zien. De versierde in- en uitzwenkende topgevel met oculus en sierpaneel, blijkt dus het resultaat te zijn van een latere, historiserende restauratie. De zoon van Emmanuel-Joseph verkocht Beaulieu in 1875 aan Léon Berlemont. In 1882 werd Charles Rittweger de nieuwe eigenaar door zijn huwelijk met diens weduwe. Nadat het kasteel gedurende meer dan twee eeuwen een bloeiend leven had geleid, luidde de dood van Rittweger (1919) een lange periode van verval in.

 

Links: Oorspronkelijke dreef en ommuring. Midden: Zicht vanuit het parkdomein. Rechts: Historische foto aan toegangsbrug. Jaartal onbekend.

 

Het park werd verkaveld, en het kasteel raakte in verval. In 1920 werd het domein van de hand gedaan met als doel er industriële gebouwen te laten optrekken. De nieuwe eigenares, La Société Belge Immobiliere verkocht bijvoorbeeld een stuk grond voor de aanleg van de Woluwelaan, en in 1928 stelde zij het kasteel zelf te koop met de verplichting tot afbraak. Zo kreeg Maurice Braun ter Meeren het in bezit, die prompt één van beide hoektorens naar zijn domein in Sterrebeek liet overbrengen, waar hij heropgebouwd werd aan de ingang. Ook ballustrades en leuningen van Beaulieu vinden we terug in kasteel ter Meeren.

De Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen zag dit alles met lede ogen aan, doch verschuilde zich er achter over geen wettelijk instrument te beschikken om Beaulieu te redden. Toen dan eindelijk de langverwachte Wet van 7 augustus 1931 tot stand kwam, weigerde de minister van Kunst en wetenschappen een klasseringsbesluit te ondertekenen, wegens de verregaande toestand van verwaarlozing, en uit vrees dat de staat zou verplicht worden over te gaan tot een al te dure onteigening. De aftakeling ging ondertussen onverminderd verder.

 

Links: Beaulieu in 1932. Verkaveling domein, afbraak noordertoren en slotgracht. Rechts: Beaulieu in jaren ‘90. Verregaande staat van verwaarlozing.

 

Onder impuls van Charles Mertens, een kunstliefhebber die reeds eerder de restauratie van het kasteel van Beersel gerealiseerd had, werd in 1944 de VZW Les amis du château de Beaulieu opgericht, met als doel het kasteel te restaureren en er een museum in onder te brengen. Twee jaar later kocht de vzw het kasteel, begon met de werken, en in 1949 werd het plechtig geopend.

De Herculeszaal met het stucwerk van J.C. Hansche werd uiteindelijk als monument beschermd in 1950. In 1955 volgden het dak, de gevels, het bordes en de twee toegangstrappen.

 

De VZW die inmiddels zware financiële inspanningen geleverd had voor de restauratie en de reconstructie, geraakte in moeilijkheden voordat de werken voltooid waren, en zag zich genoodzaakt het kasteel te verkopen. Een nieuwe V.Z.W; "De verdedigers van Beaulieu" nam de doelstellingen van haar voorgangster over, doch verder dan de kelders geraakte men met de werken ditmaal niet (in 1964 opening van een restaurant in de kelders, dat in 1975 failliet gaat). Ook het Ministerie van Nederlandse Cultuur, eigenaar sinds 1980, kreeg de restauratie niet op gang. Enkel dringende beveiligingswerken werden uitgevoerd in 1981. Brandstichting, diefstal en vandalisme hadden het kasteel inwendig in de jaren ‘90 verregaand beschadigd.

 

Kasteel Beaulieu in 1925.Graven van Thurn & Tassis als oprichters en grootmeesters van het keizerlijke internationale postwezen (Belgische postzegelreeks uit 1952) : Lamoral II 2de rij rechts, kasteel Beaulieu onderaan rechtsBeroemde gasten van kasteel Beaulieu v.l.n.r. : King William III, Generaal John Churchill Duke of Marlborough (voorvader van Winston), Maximiliaan II van Beieren.Tekening 19de eeuw.Tuingevel 19de eeuw .Oorspronkelijke dreef en ommuring.Zicht vanuit het parkdomein.Historische foto aan toegangsbrug. Jaartal onbekend.Beaulieu in 1932. Verkaveling domein, afbraak noordertoren en slotgracht.Beaulieu in jaren ‘90. Verregaande staat van verwaarlozing.    

 

naar boven

 

 

3. RESTAURATIE

 

De zware verwaarlozingen waaraan kasteel Beaulieu ten prooi gevallen was, betekenden een belangrijke uitdaging voor de restauratie. De keuze voor herbestemming tot bedrijfs- en ontvangstruimtes maakte het echter mogelijk een invulling te geven in maximale harmonie met de specifieke architectuur van het kasteel. Eén van de centrale vragen bij restauratie is de keuze tussen een terugkeer naar het oorspronkelijke model of een duidelijk hedendaagse invulling zij het op een neutrale manier, dan wel als een moderne interpretatie. Het is een afweging die geval per geval moet gemaakt worden, rekening houdend met de omstandigheden en het spanningsveld tussen de historische waarde en de nieuwe bestemming van het monument. Enkele voorbeelden :

  • Decoratieve plafonds : Deze hadden zeer geleden onder waterinfiltratie. Hier werd ervoor gekozen om de delen die nog in redelijke staat waren te behouden, inclusief het verfwerk indien het historische waarde had. De verdwenen delen werden daarentegen sober en vlak aangevuld, waardoor het verschil tussen oud en nieuw zeer leesbaar wordt. Deze aanpak wordt soms aangeduid met de ‘archeologische benadering.
  • Borstweringen brug en toegangspoort : Er werd gekozen voor een hedendaagse interpretatie in staal.
  • Inkomdeur : De oorspronkelijke inkomdeur werd gestolen, maar aangezien het uitzicht hiervan zeer goed gekend was, werd ervoor gekozen om een perfecte replica te maken.

 

Het dak werd gestabiliseerd en vernieuwd, het buitenschrijnwerk vervangen, de houten vloerconstructies en de plafonds werden hersteld, de stucwerkpanelen van Hansche werden gerestaureerd. Alle niveaus kregen vloerverwarming, en alle voorzieningen die men van een eigentijdse werkplek kan verwachten werden op een discrete manier verwerkt. Gezien de grote massiviteit van het kasteel werd gekozen voor natuurlijke ventilatie. De vloeren zijn afgewerkt met natuursteen en parket en het geheel werd opnieuw gepleisterd en geverfd. Uiteindelijk werd ook de tuin van 1 ha onder handen genomen. Hierbij werden een 44 parkeerplaatsen op eigen terrein aangelegd.

 

 

Restauratie voor en na 1Restauratie voor en na 2Restauratie voor en na 3Restauratie voor en na 4Restauratie voor en na 5Restauratie voor en na 6Restauratie voor en na 7Restauratie voor en na 8Restauratie voor en na 9Restauratie voor en na 10Restauratie voor en na 11Restauratie voor en na 12Restauratie voor en na 13Restauratie voor en na 14Stabilisatie van de Herculespanelen.    

 

naar boven

 

 

4. BEDRIJFSGEBOUW

 

Nu de restauratie is afgerond, krijgt kasteel Beaulieu een nieuw leven als prestigieuze bedrijfsruimte, waarin hedendaagse eisen van kantoorfaciliteiten, comfort en energiezuinigheid hand in hand gaan met het unieke historische karakter. Het domein is zeer goed gelegen en de ruimtes lenen zich uitstekend voor eigentijdse bureelconcepten als flexdesks, voor werkgroepen, voor vergader- en ontvangstruimtes, foyers en omkadering.

 

De opwaardering van het kasteel valt samen met belangrijke ontwikkelingen in de omgeving, zoals de heraanleg van de Woluwelaan, nieuwe tram- en fietslijnen van het GEN tussen Brussel en de luchthaven, de vlakbij gelegen nieuwe aantakking op de Ring en de E19, de herontwikkeling van de omliggende bedrijventerreinen en brownfields zoals het bekende Uplace, het nieuwe NAVO-hoofdkwartier, enz.

 

Bedrijfsgebouw - 1Bedrijfsgebouw - 2Bedrijfsgebouw - 3Bedrijfsgebouw - 4Bedrijfsgebouw - 5    

 

Overzicht

  • 1.100m² bruto vloeropp. (1.450m² incl. zolder)
  • 44 parkeerplaatsen op eigen terrein
  • Omheind domein : ± 1 ha.
  • Woluwelaan 100, Machelen

 

  • Gevels : Diegemse kalkzandsteen
  • Dak : natuurleien
  • Buitenschrijnwerk : hardhout, zonwerend en akoestisch dubbel glas
  • Binnenwanden : bepleisterd
  • Vloeren : natuursteen en parket
  • Plafonds : gerenoveerde stucwerkcassettes
  • Vloerverwarming
  • Hoge thermische inertie, en natuurlijke ventilatie

 

Contact Verhuring : Structura, CBRE

 

 

Pieter Schroonsstraat

1830 Machelen

 

      

© Machelen